PUTTEN – De 295.000 euro die het college vraagt voor de verdere voorbereiding van de Achterstraat en Molenstraat roept vragen op in de Puttense politiek. Meerdere fracties wilden maandag 14 september weten waar het geld precies aan wordt besteed. Tijdens de vergadering kwam daar meer duidelijkheid over: het bedrag is niet alleen voor tekenwerk, maar ook voor onderzoeken, vergunningen, participatie en de begeleiding van het project.
Na de bespreking gaat het voorstel als bespreekstuk door naar de gemeenteraad. De daadwerkelijke aanlegkosten van de Achterstraat en Molenstraat zijn nog niet bekend en zitten niet in de 295.000 euro.
Van 60.000 naar 355.000 euro
Voor het project stelde de gemeente eerder al 60.000 euro beschikbaar. Wethouder E.S. van de Poll legde uit dat daarmee onder meer een informatieavond is gehouden. Samen met de klankbordgroep werd vervolgens eerst een schetsontwerp gemaakt en daarna het voorlopig ontwerp dat er nu ligt.
Nu vraagt het college daar 295.000 euro bovenop. Als de gemeenteraad daarmee instemt, is voor de visie en verdere voorbereiding samen 355.000 euro beschikbaar gesteld. De nieuwe 295.000 euro moet worden betaald uit de reserve Integraal Beheer Openbare Ruimte, de IBOR-reserve.
Vooral de omvang van het bedrag leidde tot vragen. Wij Putten vroeg wat er nog voor bijna drie ton moet gebeuren, omdat het voorlopig ontwerp al behoorlijk gedetailleerd is. De fractie wees erop dat op de tekeningen onder meer bomen, paaltjes en soorten bestrating zijn aangegeven.
Ook GemeenteBelangen Putten en de ChristenUnie vroegen om meer duidelijkheid over de opbouw van het bedrag. GemeenteBelangen wilde daarnaast weten of er al een indicatie is van wat de daadwerkelijke uitvoering straks gaat kosten.
Wij Putten maakte daarbij een eigen rekensom. De fractie ging uit van in totaal 355.000 euro en een aangenomen tarief van 120 euro per uur voor een ingenieursbureau. Dat zou neerkomen op bijna 3.000 uur werk. Het gaat nadrukkelijk om een vergelijking van de fractie en niet om een kostenberekening van de gemeente.
Waar gaat die 295.000 euro dan naartoe?
Tijdens de beantwoording maakte het college duidelijk dat de rekensom met alleen uren van een ingenieursbureau geen compleet beeld geeft. De 295.000 euro is breder bedoeld.
Volgens de toelichting gaat het geld naar voorbereiding en engineering, onderzoeken, participatie, vergunningen en projectbeheersing. Het bedrag is volgens de gemeente geraamd volgens de SSK-systematiek, een standaardmethode waarmee kosten van infrastructurele projecten worden berekend.
Daarmee werd tijdens de commissievergadering concreter uitgelegd wat de gemeente voor de 295.000 euro wil doen dan in het oorspronkelijke raadsvoorstel. Wij Putten vroeg daarom om die informatie ook duidelijk in het voorstel voor de gemeenteraad te zetten. Volgens de fractie stond daarin vooral dat er een technisch uitvoerbaar ontwerp en een raming komen, maar bijvoorbeeld niet duidelijk dat ook geld nodig is voor nader onderzoek naar kabels en leidingen.
Dat onderzoek is nog nodig. De gemeente heeft tot nu toe alleen op hoofdlijnen naar de ondergrond gekeken. Kabels en leidingen vormen volgens de ambtelijke toelichting een belangrijk risico en verschillende technische onderzoeken moeten nog worden uitgevoerd.
De uiteindelijke aanlegkosten zijn daardoor nog niet bekend. Het definitieve ontwerp en de bijbehorende raming komen later opnieuw bij de gemeenteraad.
Ook vragen over fiets, verkeer en private grond
De discussie ging niet alleen over geld. PRO en de ChristenUnie vroegen meer aandacht voor fietsers en fietsparkeren. Volgens deze fracties ligt in de stukken veel nadruk op auto’s en parkeerplaatsen.
Ook het verkeer in de Achterstraat blijft onderwerp van discussie. Een gedeelte is nu eenrichtingsverkeer. In het ontwerp worden delen tweerichtingsverkeer, onder meer om het uitrijden van parkeerplaatsen mogelijk te maken en een extra ontsluiting via de Achterstraat te creëren. Het vrachtverkeer blijft gebruikmaken van de straat. Voor de bevoorrading van de PLUS is de Achterstraat volgens de toelichting de enige aanrijroute.
Het CDA vroeg onder meer wat belanghebbenden precies willen veranderen aan de verkeerssituatie en of vooral behoefte bestaat aan een mogelijkheid om auto’s veilig te laten keren. Ook de aansluiting bij het Foppenplein en de Gervenhof blijft een aandachtspunt.
De VVD vroeg daarnaast hoe zeker de afspraken zijn met particuliere grondeigenaren. Een deel van het ontwerp maakt namelijk gebruik van private grond. De fractie wilde weten wat er gebeurt als die grond uiteindelijk toch niet beschikbaar komt.
Daarbij komen ook de toekomstige kosten voor beheer en onderhoud. Doordat de gemeente straks mogelijk meer grond als openbare ruimte gaat onderhouden, nemen die kosten toe. Hoe hoog die structurele kosten worden, is nog niet bekend.
Raad moet verder praten
Dat de Achterstraat en Molenstraat worden aangepakt, kreeg tijdens de commissie op zichzelf steun. De politieke discussie richtte zich vooral op de hoogte en onderbouwing van de 295.000 euro, de verkeerskeuzes en onderdelen van het ontwerp.
Opvallend blijft ondertussen de planning. Eerder was het streven dat de herinrichting al in het voorjaar van 2026 zou beginnen. Die planning is niet gehaald. Nu moet eerst nog geld beschikbaar worden gesteld om het voorlopig ontwerp technisch verder uit te werken, onderzoeken uit te voeren en uiteindelijk tot een definitief ontwerp en kostenraming te komen.
Na de behandeling van maandag gaat het voorstel als bespreekstuk naar de gemeenteraad. De raad moet op 24 september besluiten of de 295.000 euro beschikbaar wordt gesteld. Ook daarna is het financiële plaatje nog niet compleet: de kosten voor de daadwerkelijke herinrichting komen op een later moment opnieuw bij de raad.
