PUTTEN – Het Openbaar Ministerie heeft zware straffen geëist tegen de makers van de Stint, het elektrische kindertransportvoertuig dat in 2018 betrokken was bij het dodelijke ongeluk in Oss. De zaak raakt ook Putten, omdat de Stint hier jarenlang werd geproduceerd.
Vijf jaar cel geëist
Het OM eist tegen de twee hoofdverdachten, Edwin Renzen en Peter Noorlander, elk vijf jaar gevangenisstraf. Volgens justitie vertoonde de Stint ernstige veiligheidsgebreken, zoals het ontbreken van een noodstop, niet-werkende remschakelaars en het risico dat het voertuig onverwacht kon wegrijden of stilvallen.
Ook tegen de betrokken bedrijven, waaronder Stint Urban Mobility, zijn forse boetes geëist. Het gaat om bedragen van 225.000 euro en 135.000 euro.
Putten, Nijkerk en Zeewolde betrokken
De Stint werd volgens het OM bedacht in Zeewolde, geproduceerd in Putten en had daarnaast een productielocatie in Nijkerk. Het voertuig werd dagelijks gebruikt om jonge kinderen te vervoeren. Het OM benadrukte tijdens de zitting dat de bestuurster van de Stint geen enkele verantwoordelijkheid draagt voor het ongeval.
Bij het ongeluk op 20 september 2018 in Oss kwamen vier kinderen om het leven. Een vijfde kind en de bestuurster raakten zwaargewond.
Eerdere productiehal in Putten
Na het ongeluk werd de Stint van de weg gehaald. In 2019 werd bekend dat in een productiehal in Putten honderden Stints stonden opgeslagen en omgebouwd zouden worden om aan strengere eisen te voldoen. Meer dan de helft van de onderdelen zou daarbij worden vervangen. Later verhuisde het bedrijf vanwege ruimtegebrek richting Nijkerk.
De zaak rondom de Stint sleept al jaren voort en heeft landelijk veel impact gehad op kinderopvangorganisaties en ouders. Met de strafeis van het OM is een nieuwe fase in het strafproces ingegaan.
Wat de uitkomst ook wordt: in deze tragische zaak zijn uiteindelijk alleen maar verliezers.
