PUTTEN – De gemeente Putten trekt de vergunning voor een prefabwoning aan de Weverstraat 3 in. De woning was al geplaatst, maar mag niet worden gebruikt en moet volgens gemeentelijke stukken helemaal worden verwijderd.
Woning stond te ver van de straat
Het college verleende op 20 maart 2025 nog een omgevingsvergunning voor de bouw van de prefabwoning. Daartegen werd bezwaar gemaakt. Dat bezwaar heeft de zaak volledig gekanteld. Pas na bezwaar kwam de gemeente tot de conclusie dat het besluit meerdere gebreken had en dat de plek van de woning niet goed te verdedigen was.
De belangrijkste reden is de plek van de woning. Volgens de gemeente staat de prefabwoning te diep op het perceel. Slechts een klein deel van de woning ligt binnen het bouwvlak, terwijl het grootste deel daarbuiten valt. De woning komt ongeveer 17,5 meter van de Weverstraat te staan. Dat past volgens het college niet bij de opbouw van de straat, waar woningen juist dichter aan de weg staan.
De gemeente kijkt daarbij niet naar wat er vroeger op het perceel stond, maar naar wat het huidige omgevingsplan toestaat. Eerder werd nog verwezen naar de oude situatie op het terrein, maar dat vindt de gemeente achteraf geen goede basis. Het actuele planologische kader is leidend.
Inwoners zien meer chalet dan centrumwoning
Ook onder inwoners roept de prefabwoning reacties op. Online schrijven meerdere Puttenaren dat zij het gebouw meer vinden lijken op een chalet of stacaravan dan op een gewone woning in een historische straat. Vooral de plek diep achter op het perceel valt op. Volgens reacties hoort op die plek eerder een woning aan de straat te staan, zodat de straatwand niet wordt onderbroken.
Die kritiek schuurt met de lijn die de gemeente zelf in andere dossiers volgt. Putten kijkt streng naar wonen op recreatieparken en naar bouwwerken die niet passen bij de bestemming of de ruimtelijke opzet. Juist daarom valt het inwoners op dat op deze plek eerst wel een vergunning werd verleend voor een woning die volgens hen meer een chaletachtige uitstraling heeft.
De uiteindelijke weigering draait officieel niet om de vraag of het gebouw op een chalet lijkt, maar om de plek waar de woning staat. Volgens de gemeente heeft de Weverstraat een herkenbare lijn van woningen langs de straat. Een hoofdwoning zo ver naar achteren zou die lijn doorbreken. Daardoor ontstaat volgens het college een onderbreking in de straatwand en wordt de samenhang van het straatbeeld aangetast.
Bezwaar legde meerdere fouten bloot
De commissie Bezwaarschriften vond dat het eerste besluit op meerdere punten niet goed genoeg was. Zo was het oorspronkelijke welstandsadvies volgens de commissie onvoldoende onderbouwd. Ook stonden drie parkeerplaatsen ten onrechte in de vergunning, omdat die niet op grond van de aanvrager lagen.
Daarnaast was in het besluit niet duidelijk genoeg vastgelegd dat de gemeente afweek van het omgevingsplan. Ook waren hoogtematen niet goed opgenomen. Verder vond de commissie dat de gemeenteraad mogelijk om advies had moeten worden gevraagd en dat participatie had moeten plaatsvinden.
De gemeente heeft een deel van die punten later opnieuw beoordeeld. Zo kwam er een nieuw welstandsadvies. Daarin werd alsnog geoordeeld dat het uiterlijk van de woning aan de eisen voldoet. De weigering draait dus niet vooral om hoe de woning eruitziet, maar om waar de woning staat.
Bouwen kon, maar op eigen risico
Op sociale media vragen inwoners zich ook af hoe de woning al gebouwd kon zijn, terwijl de vergunning nog niet definitief was. Dat kan omdat de vergunning eerder was verleend. Een bezwaar zorgt er meestal niet automatisch voor dat er niet gebouwd mag worden. Wie tijdens een bezwaarprocedure toch bouwt, doet dat wel op eigen risico.
Dat risico pakt hier groot uit. In het B&W-voorstel staat dat de woning al is geplaatst, maar nog niet in gebruik is genomen. Volgens de gemeente mocht dat ook niet, omdat de prefabwoning niet voldoet aan technische eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving.
De gemeente schrijft dat de woning geheel verwijderd moet worden. Belanghebbenden kunnen nog binnen zes weken beroep instellen bij de Rechtbank Gelderland.
