PUTTEN – Sportverenigingen in Putten moeten sneller de juiste hulp krijgen en minder tijd kwijt zijn aan vragenlijsten. Gemeenten, sportbonden en sportorganisaties op de Noord-Veluwe hebben daarvoor een samenwerkingsconvenant ondertekend. De eerste concrete stap is één gezamenlijke clubmonitor voor alle verenigingen.
Eén netwerk voor sportclubs
Sportclubs krijgen regelmatig te maken met vragen over vrijwilligers, geld, accommodaties, sociale veiligheid of sporttechnische ontwikkeling. Nu komen die vragen en ondersteuningsmogelijkheden vaak vanuit verschillende organisaties. Dat kan voor bestuurders en vrijwilligers veel tijd kosten.
Met het nieuwe convenant willen gemeenten, sportbonden en sportorganisaties hun ondersteuning beter op elkaar afstemmen. Clubs hoeven daardoor minder zelf uit te zoeken waar ze moeten aankloppen. Hulpvragen kunnen gezamenlijk worden opgepakt en kennis wordt sneller gedeeld tussen de betrokken partijen.
Minder belasting voor vrijwilligers
Een van de eerste acties is één gezamenlijke sportclubmonitor. Sportverenigingen krijgen nu regelmatig vragenlijsten van gemeenten, sportbonden en andere organisaties. Die willen allemaal weten hoe het met de clubs gaat, maar voor bestuurders betekent dat vaak extra werk.
Daarom gaan de partners op de Noord-Veluwe werken met één gezamenlijke vragenlijst. Die moet inzicht geven in de vitaliteit van sportverenigingen. De informatie wordt gebruikt door gemeenten en deelnemende sportbonden, zodat clubs niet steeds vergelijkbare onderzoeken hoeven in te vullen.
Putten doet mee
Het convenant is ondertekend door de uitvoeringsorganisatie van de gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Hattem, Heerde, Nunspeet, Oldebroek en Putten. Ook de Gelderse Sport Federatie en meerdere landelijke sportbonden doen mee, waaronder de KNVB, KNGU, KNHB, KNLTB, KNZB, Nevobo, de Atletiekunie en de NBB.
Volgens Kevin Scholten van Platform Clubondersteuning Noord-Veluwe willen vrijwilligers hun tijd vooral besteden aan sport mogelijk maken. “Door samen te werken maken we het voor clubs eenvoudiger én kunnen we hen beter ondersteunen.”
