PUTTEN – Wie denkt dat Cornelis Jetses alleen de man is van Ot en Sien, komt in Museum De Tien Malen bedrogen uit. In het museum is nu een bijzondere expositie te zien over de veelzijdige tekenmeester, met werk dat veel verder gaat dan nostalgische schoolboekjes. Juist dat maakt deze tentoonstelling zo leuk: je herkent hem misschien niet meteen bij naam, maar bijna iedereen kent zijn werk.
Een naam die je misschien niet kent, maar zijn tekeningen wel
Cornelis Jetses werd in 1873 geboren in Groningen en groeide uit tot een van de bekendste illustratoren van Nederland. Hij is vooral beroemd geworden door het leesplankje Aap, Noot, Mies, de schoolplaten en de verhalen van Ot en Sien. Veel mensen hebben dus zonder het te weten al heel jong naar zijn tekeningen gekeken.
Maar Jetses was veel meer dan alleen de man van die bekende kinderfiguren. Hij was ook kunstschilder, maakte studies van mensen en landschappen en had een groot oog voor het gewone leven. Boerenerven, kinderen, seizoenen, werk op het land en het platteland – hij legde het allemaal vast met veel gevoel voor detail en sfeer.
Opening met koffie, gebak en gasten van heinde en verre
De opening van het nieuwe museumseizoen was woensdagmiddag in De Werkstee van Museum De Tien Malen. Daar werden de genodigden ontvangen met koffie en gebak. Bezoekers kwamen niet alleen uit Putten, maar ook uit onder meer Elspeet, Assen, Delft en Groningen. Ook wethouder Sander van Nieuwenhuizen was namens de gemeente Putten aanwezig.
Voorzitter Teus van de Kamp vertelde dat het heel bijzonder is dat deze expositie juist naar Putten is gekomen. Het idee ontstond al ongeveer een jaar geleden, nadat hij met zijn vrouw een tentoonstelling van Jetses had gezien in museum Havezate Mensinge. Toen ontstond de gedachte: hoe mooi zou het zijn als zo’n expositie ook in Putten te zien zou zijn? Dat is gelukt, al zat daar volgens Van de Kamp veel werk in.
Jetses op de Veluwe: schetsboek mee, ogen open
Wat deze expositie extra bijzonder maakt, is de duidelijke link met de Veluwe. In 1942 trok Jetses samen met zijn dochter Everdina, ook wel Dien genoemd, op de tandem naar Elspeet en omgeving. Daar maakte hij schetsen van boerderijen, dorpsmensen, kinderen en het landschap. Hij stond in het dorp bekend als de “Schildermeneer” of “Tekenmeneer”.
In het museum zijn originele schetsen te zien uit die periode. Daarmee krijg je letterlijk een kijkje in hoe Jetses werkte en keek. Hij tekende mensen naar het leven, met veel aandacht voor gezichten, kleding, houding en omgeving. Dat maakt het heel levendig. Juist voor Puttenaren en Veluwenaren is dat mooi, omdat je in die tekeningen iets terugziet van het oude leven op de Veluwe.
Niet alleen nostalgie, maar ook een kunstenaar met groot vakmanschap
Tijdens de opening vertelde Heleen van der Ham van de Cornelis Jetses Stichting dat het werk van Jetses op dit moment helemaal leeft. Overal is belangstelling voor zijn werk. Voor deze tentoonstelling is gekozen voor een invalshoek die goed bij hem past: Jetses als familiemens en als natuurmens.
Die keuze zie je ook terug in de expositie. Jetses tekende veel mensen uit zijn omgeving en gebruikte familie en bekenden vaak als model. Zijn vrouw stond model voor de moeder in Nog bij moeder. Een buurjongen stond model voor Ot. En ook op de Veluwe zocht hij actief contact met mensen om hen vast te leggen. Dat maakt zijn werk warm, menselijk en herkenbaar.
Lied als opening en verhalen die weer boven komen
De officiële opening kreeg nog een bijzonder moment. Die werd gedaan door de Delftse Troubadours, die een lied hadden geschreven over het leven van Jetses op de melodie van Het Dorp van Wim Sonneveld. Daarna konden de gasten de expositie bekijken.
Bij die rondgang vertelde Bob Verschoor van de Cornelis Jetses Stichting meer over het werk en het leven van de kunstenaar. Juist daar bleek hoe bijzonder deze expositie is. Soms komen er via families en nazaten ineens verhalen boven over mensen die door Jetses zijn getekend. Zo was er een vrouw die pas onlangs hoorde dat een tekening in haar bezit haar moeder bleek te zijn. Dat soort verhalen geven de tentoonstelling extra lading.
De Tien Malen is zelf ook een plek waar geschiedenis leeft
De expositie is al een bezoek waard, maar dat geldt eigenlijk net zo goed voor het museum zelf. Historisch Museum De Tien Malen is een plek waar de geschiedenis van Putten en de omgeving tastbaar wordt. Juist die combinatie maakt een bezoek zo leuk: je komt voor een bijzondere wisselexpositie, maar je stapt tegelijk ook in het verhaal van Putten zelf.
En laten we eerlijk zijn: veel mensen kennen Jetses misschien niet meteen bij naam. Ik ook niet bewust. Maar zodra je hoort Aap, Noot, Mies, Ot en Sien en die bekende schoolplaten, valt het kwartje. Dan blijkt ineens hoeveel van zijn werk in ons collectieve geheugen zit.
Tot en met 31 oktober te zien
De wisselexpositie Cornelis Jetses – De veelzijdige tekenmeester is in Museum De Tien Malen te zien van 1 april tot en met 31 oktober 2026. De tentoonstelling is samengesteld met medewerking van de Cornelis Jetses Stichting en met werken uit de collectie van het Onderwijsmuseum in Dordrecht.
Wie houdt van nostalgie, tekenen, de Veluwe, oude schooltijd of gewoon van mooie verhalen uit de regio, moet hier echt eens gaan kijken. Want deze tentoonstelling laat niet alleen zien hoe goed Jetses was, maar ook hoe bijzonder het verleden van Putten en de omgeving nog altijd is.
Praktische informatie:
Periode
Woensdag 1 april t/m zaterdag 31 oktober
2e Paasdag 6 april ook geopend
Openingstijden
Elke woensdagmiddag t/m zaterdagmiddag van 13.30-16.30 uur
In de maanden juli en augustus ook op dinsdagmiddag open!
