PUTTEN – Een inwoner van Putten heeft gemiddeld 55,8 vierkante meter woonruimte tot zijn beschikking. Daarmee wonen Puttenaren ruimer dan inwoners van Ermelo, Harderwijk, Nijkerk, Barneveld en Zeewolde. Tegelijk groeide de woningvoorraad in Putten de afgelopen tien jaar juist het minst van deze zes gemeenten.
Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Landelijk heeft een inwoner begin 2026 gemiddeld ongeveer 55 vierkante meter woonruimte. Putten zit daar dus iets boven.
Putten bovenaan met 55,8 vierkante meter
Van de vergeleken gemeenten heeft Putten de meeste woonruimte per inwoner. Zeewolde volgt met 54,9 vierkante meter en Ermelo met 54,7 vierkante meter.
Het verschil met Harderwijk is het grootst. Daar heeft een inwoner gemiddeld 50,6 vierkante meter woonruimte. In Barneveld is dat 51,8 vierkante meter en in Nijkerk 52,1 vierkante meter.
Ook de woningen zelf zijn in Putten relatief groot. Een woning heeft hier gemiddeld een oppervlakte van 136 vierkante meter. Alleen Barneveld komt op hetzelfde gemiddelde. In Ermelo en Zeewolde is dat 130 vierkante meter, in Nijkerk 128 en in Harderwijk 115 vierkante meter.
De gemiddelde Puttense woning werd bovendien iets groter. In 2016 ging het nog om gemiddeld 134 vierkante meter.
Wel de kleinste groei van de woningvoorraad
Bij het aantal woningen ontstaat een ander beeld. Putten telde begin 2016 in totaal 9.628 woningen. Begin 2026 waren dat er 10.462.
In tien jaar kwamen er daarmee 834 woningen bij, een groei van ongeveer 8,7 procent.
Dat is duidelijk minder dan in de vijf andere gemeenten uit de vergelijking. Ermelo groeide met ongeveer 13 procent, Nijkerk met 17 procent en Barneveld met bijna 18 procent. Harderwijk kwam eveneens uit op ruim 18 procent. Zeewolde kende met ruim 22 procent de grootste groei.
Dat zegt niet automatisch hoeveel nieuwbouwwoningen daadwerkelijk in die periode zijn gebouwd. De CBS-woningvoorraad kan ook veranderen door bijvoorbeeld sloop, splitsing of het samenvoegen van woningen. Wel laat het cijfer zien hoe sterk de totale voorraad per saldo is veranderd.
Meer appartementen, maar gemiddeld kleiner
Ook binnen Putten verandert het soort woningen.
Het aantal eengezinswoningen steeg tussen 2016 en 2026 van 8.113 naar 8.680. Het aantal appartementen en andere meergezinswoningen groeide van 1.515 naar 1.782. Dat is een stijging van bijna 18 procent.
Opvallend is dat die meergezinswoningen tegelijkertijd gemiddeld kleiner zijn geworden. In 2016 was zo’n woning in Putten gemiddeld 92 vierkante meter groot. Begin 2026 was dat 79 vierkante meter, een afname van 13 vierkante meter.
Bij eengezinswoningen gebeurde het tegenovergestelde. Die werden gemiddeld groter: van 142 vierkante meter in 2016 naar 148 vierkante meter in 2026.
Daarmee laat Putten twee ontwikkelingen naast elkaar zien. Inwoners hebben gemiddeld relatief veel woonruimte en de bestaande woningen zijn groot, maar de totale woningvoorraad groeide de afgelopen tien jaar minder hard dan in de vergeleken gemeenten. Tegelijk bestaat een steeds groter deel van de voorraad uit appartementen en andere meergezinswoningen, die gemiddeld compacter zijn geworden.
